We laten de Bijbel zelf aan het woord:
Luc. 9:2 “Daarna zond hij hen uit om het koninkrijk van God te verkondigen en zieken te genezen”. (de 12 discipelen)
Hand. 20:24 “Ik (Paulus) hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven, als ik mijn levenstaak maar kan voltooien en de opdracht uitvoeren die ik van de Heer Jezus ontvangen heb: getuigen van het evangelie van Gods genade...”
Mat. 28:18-20 “Jezus kwam op hen toe en zei: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld”.
Het evangelie verkondigen is één ding. Iemand tot een discipel maken, daar is heel wat meer tijd mee gemoeid. (dopen – zie artikel 10)
Mensen het evangelie verkondigen – naar buiten gaan – is belangrijk. Maar om de mensen op te vangen en te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat Jezus heeft geleerd in de bijbel – hoe ze moeten leven – daar is een goed gestructureerde gemeente voor nodig.
Rom. 1:5 “Hij heeft mij (Paulus) de genade geschonken apostel te zijn, opdat ik omwille van hem aan alle volken gehoorzaamheid en geloof zou verkondigen...”
Rom. 15:18 “Ik zal over niets anders spreken dan wat Christus door mij tot stand brengt om de heidenen tot gehoorzaamheid te brengen: door wat ik zeg en doe, ...”
Rom. 16:25,26 “Aan hem die bij machte is u kracht te geven, overeenkomstig het evangelie van Jezus Christus dat ik verkondig, overeenkomstig de onthulling van het geheim waarover eeuwenlang gezwegen is, maar dat nu is geopenbaard en op bevel van de eeuwige God door de geschriften van de profeten bij alle volken bekend is geworden om ze tot gehoorzaamheid en geloof te brengen - ...”
Marc. 16:15-20 “En hij zei tegen hen: ‘Trek heel de wereld rond en maak aan ieder schepsel het goede nieuws bekend. Wie gelooft en gedoopt is zal worden gered, maar wie niet gelooft zal worden veroordeeld. Degenen die tot geloof zijn gekomen, zullen herkenbaar zijn aan de volgende tekenen: in mijn naam zullen ze demonen uitdrijven, ze zullen spreken in onbekende talen, met hun handen zullen ze slangen oppakken en als ze een dodelijk gif drinken zal dat hun niet deren, en ze zullen zieken weer gezond maken door hun de handen op te leggen’. Nadat hij dit tegen hen had gezegd, werd de Heer Jezus in de hemel opgenomen en nam hij plaats aan de rechterhand van God. En zij gingen op weg om overal het nieuws bekend te maken. De Heer hielp hen daarbij en zette hun verkondiging kracht bij met de tekenen die ermee gepaard gingen”.
Joh. 14:12 “Waarachtig, ik verzeker jullie: wie op mij vertrouwt zal hetzelfde doen als ik, en zelfs meer dan dat. Ik ga immers naar de Vader”.
Hand. 2:43 “De vele tekenen en wonderen die de apostelen verrichtten, vervulden iedereen met ontzag”.
Hand. 3:6 “Maar Petrus zei: ‘Geld heb ik niet, maar wat ik wel heb, geef ik u: in de naam van Jezus Christus van Nazareth, sta op en loop’”.
Hand. 6:8 “Stefanus verrichtte dankzij Gods genade en kracht grote wonderen en tekenen onder het volk”.
Bronvermelding
‘Geloof om op te bouwen’ door J.W. Embregts
Bijbel (NBV)